_

Een obscene, drugsverslaafde outsider
Festival rond het werk en de impact van William Burroughs, zaterdag in Paradiso
NRC Handelsblad Newspaper
7 November 2007

By Jacob Haagsma

Platen van Laurie Anderson, Material, Mark Stewart, Ministry en Nirvana werden opgesierd door zijn karakteristieke, dreigend raspende voordracht. Joy Division, Klaxons en Gravenhurst vernoemden nummers of albums naar zijn werk, hij verscheen in een videoclip van U2 en Soft Machine, Steely Dan en Soft Boys plukten hun naam uit zijn boeken.

De invloed van de Amerikaanse cultschrijver William Burroughs is enorm. Misschien wel vooral bij mensen die zijn boeken niet hebben gelezen. In Paradiso in Amsterdam wordt zaterdag een festival gehouden rond zijn werk en impact. Robin Rimbaud ofwel Scanner laat daar een film zien die is opgebouwd rond audio- en video-opnamen van Burroughs, die tien jaar geleden overleed. Mét een live gemaakte soundtrack.

„William Burroughs is een van die iconen die de popcultuur mee gevormd hebben”, zegt Jan Hiddink van Paradiso, samensteller van het retrospectief. „Hij heeft op allerlei terreinen zijn sporen nagelaten. En toch is hij altijd bewust een buitenstaander gebleven. Hij had dan ook een absolute afkeer van allerlei controle-mechanismen, op het paranoïde af. Dat is in deze tijd, waarin je hele leven op internet traceerbaar is als je niet uitkijkt, erg actueel.”

Dan zijn we al snel bij Robin Rimbaud (1964), die onder de naam Scanner een flinke reputatie heeft als elektronisch muzikant. In een tijd dat dat nog vrij gemakkelijk kon, werd hij berucht met het aftappen van mobiele-telefoonconversaties, die hij vervolgens in een muzikale context zette. Hij acht zich diepgaand beïnvloed door het werk van Burroughs. Vooral diens experimenten met de ‘cut-up’-methode, waarbij tekstfragmenten gezet worden in een door het toeval bepaalde volgorde, hebben hun sporen nagelaten in zijn werk.

„Het hele idee van collagekunst was ooit volstrekt shockerend, maar nu is het doodnormaal. Vooral in de muziek, waar Timbaland grote hits scoort met pure collagetechnieken. Maar ook in film en televisie is het geaccepteerd. De MTV-generatie is ermee doodgegooid. Zijn ideeën probeer ik door te trekken in mijn stuk, dat een soort cinematografische benadering van Burroughs’ werk wordt. En natuurlijk kom ik niet onder het gebruik van zijn fascinerende stem uit.” De titel van Rimbauds ‘audiovisuele presentatie’, mailt hij later, wordt dan ook Let The Voice In.
Rimbaud raakte diep onder de indruk van Burroughs toen hij nog een tiener was. „Op die leeftijd ben je op zoek naar dingen die niet door de beugel kunnen, in het oog van volwassenen. William Burroughs voldeed daaraan, als homoseksuele, drugsverslaafde outsider die zijn vrouw doodschoot. Echt het tegenovergestelde van de nette, niet-rokende, vegetarische geheelonthouder die ikzelf altijd geweest ben. Maar daarom des te fascinerender.”

Rond die tijd kwam van Burroughs het album Nothing Here Now But The Recordings uit: een plaat vol tape- en cut-up-experimenten. ,,Met zulk werk leerde hij me hoe je op een andere manier naar teksten kunt kijken, hoe narratieve structuren kunnen werken en welke rol toeval kan spelen. Dat was een enorme invloed op mijn werk. Die opnamen, zijn stem en zijn lezingen hadden een grotere impact dan zijn boeken.”
Burroughs raakte diepe snaren bij de experimentele, ‘industriële’ popgolf van de vroege jaren ’80. „Ik ben zonder twijfel een kind van die cultuur, en de experimenten van Burroughs pasten daar goed bij. Ook grote artiesten als David Bowie en Kurt Cobain raakten onder de indruk van hem, en op een gegeven moment kreeg hij een haast Warhol-achtige celebritystatus. Eigenlijk een beetje surrealistisch, met het beeld in mijn achterhoofd van die gekke schrijver die in Tanger, high en koortsachtig achter zijn typemachine al die waanzinnige boeken eruit ramde.”
Zo is Burroughs een bijzonder invloedrijk figuur, zelfs in kringen die niet noodzakelijk zijn boeken hebben gelezen. Maar Rimbaud, enthousiast verzamelaar van boeken, pamfletten, opnamen en andere Burroughs-parafernalia, kan er geen genoeg van krijgen.

„Het mooie van de meeste van Burroughs’ boeken is dat je met gemak ergens middenin kunt beginnen. Omdat zijn werk non-lineair is. Hij zet de narratieve structuren op hun kop, en soms is het alsof hij daarmee de toekomst voorspelt. Hij was haast een theoreticus op het gebied van taal en de gevaren daarvan, de frase ‘language is a virus’ is tenslotte van hem. En dan stort hij zich aan het eind van zijn leven ook nog eens op schilderen, op action painting! Enorm fascinerend, net als zijn verschijning. Wie zou in die keurig in pak en hoed geklede heer een drugs spuitende, obsceniteiten spuiende outsider vermoeden?”

• William S. (Seward) Burroughs (1914-1997) wordt wel gerekend tot de beat poets. Hij deelde een appartement met Jack Kerouac, de schrijver van On the Road, en schreef samen met hem een ongepubliceerd boek: And the Hippos Were Boiled in Their Tanks.

• Ondanks zijn uitgesproken homoseksualiteit slaagde hij er toch in een aantal jaren getrouwd te blijven: met Joan Vollmer, net als hij drugsverslaafd. In 1951 schoot hij haar per ongeluk dood, in een poging om Wilhelm Tell na te doen.

• Over zijn ervaringen als verslaafde schreef hij de roman Junkie, in vergelijking met zijn latere werk een tamelijk conventioneel boek.

• Zijn latere boeken schreef hij doorgaans onder invloed van drugs. Ze zijn vaak non-lineair van opzet door het gebruik van de cut-upmethode, mede ontwikkeld door beatpoëet Brion Gysin.

• Zijn bekendste boek, Naked Lunch, werd in 1991 verfilmd door David Cronenberg.